WAT IS SOCIALISME?

COMMUNISTEN SPREKEN OVER EEN SOCIALISTISCHE MAATSCHAPPIJ WAAR HET KAPITALISME ALS MAATSCHAPPELIJK SYSTEEM NIET MEER BESTAAT!

Samenvatting

China heeft in 80 jaar een socialistische maatschappij opgebouwd waarbij de communistische partij de leiding heeft genomen en 1 miljard mensen uit de armoede heeft getrokken. China heeft met vallen en opstaan inmiddels enkele nieuwe inzichten ontwikkeld. Allereerst heeft men in die 80 jaar haar revolutie goed weten te beschermen tegen kolonisatie van buiten af (tegen Japan, Groot Brittannië en de USA) en tegen dreigende regime changes (op het Tiananmenplein en in Hongkong); en een goed leger opgebouwd. Net als in Noord Korea en Cuba. De bezittende klasse heeft men als klasse geëlimineerd en ten slotte heeft men vastgesteld dat in principe een ondernemer geen kapitalist is en kapitalisten geen ondernemer. Dit is dan ook precies de reden dat de westerse landen dit dan ook een aanval vinden op hun kapitalistische systeem.

Het wetenschappelijke debat in zaaltjes, universiteiten en vakgroepen in collegezalen en gezelschappen van wetenschappers op wetenschappelijke bijeenkomsten en conferenties verloopt dan ook volstrekt normaal in China rondom al deze vraagstukken. Ook tijdens de culturele revolutie kregen talenten alle kansen. Ook rijke mensen kunnen deelnemen aan het partijleven. Het systeem is en blijft democratische: ‘one man one vote’. Congressen nemen uiteindelijk besluiten over al die dingen die in het reguliere wetenschappelijk debat komen boven drijven. Volkscongressen met deelnemers uit alle lagen van de bevolking bevestigen alle belangrijke veranderingen en aanpassingen uiteindelijk; en maken belangenafwegingen.

Rijk worden mag in China. Westerlingen vinden dit alles vreemd; en weten dat ook niet. Dat is dan ook de bedoeling dat westerlingen dat niet weten en begrijpen. Op Westerse universiteiten wordt daar nooit over gepraat. Ook de media hebben het daar niet over. In tegendeel.

Ook de Sovjet Unie was veel wetenschappelijk debat, maar die ging uiteindelijk door verkeerde analyses, van o.a. de economische sterkte van de USA en door chantage van de USA met star wars (wat grotendeels bluf was), door de knieën.

Socialisme

In een socialistische maatschappij is de werkende bevolking de baas over het kapitaal en de investeringen [1] [2] [3].

Dat eist een geweldige continue inspanning van revolutionaire krachten uit de werkende klasse [4].

Een dergelijke socialistische maatschappij moet zich vooral ook verdedigen tegen de krachten van buiten - het wereldwijde grootkapitaal - die haar willen ondermijnen. Kijk maar naar de geschiedenis vanaf 1918 en daarvoor tot de dag van vandaag [5]. Kijk maar naar Cuba.

Wat is socialisme, is de vraag die wij ons stellen op deze conferentie. Hierover is er tegenwoordig - op internet - naast geweldige stukken om te lezen ook oeverloze discussies. Wij willen daarom nu de essentie (nogmaals) van socialisme goed op papier hebben.

Waar komen communisten voor op? Voor een goed inkomen voor de werkenden uit arbeid en een goed pensioen. Waar komt de bezittende klasse voor op? Voor het veiligstellen van hun bezit, hun geld, hun privileges en hun kapitaal.

Een precieze definitie van rijk en arm doet er in deze discussie - op dit moment van de geschiedenis - even niet toe. Ook in het socialisme heb je - relatief - rijke mensen (d.w.z. mensen die hun loon nooit opmaken en alleen maar sparen) [6].

Ik beperk me in dit artikel tot de essentie. Plus enkele essentiële losse voetnoten. Een en ander kan altijd - later mondeling op de conferentie of op papier nog toegelicht worden.

In het kapitalistische systeem zijn miljarden mensen arm en hebben geen werk. In het socialisme werkt iedereen; ook 'rijke' mensen. Het basiskenmerk, het hebben of 'de baas zijn', van een bedrijf of een productiemiddel, ligt in beide systemen héél anders. Bedrijven worden in beide systemen door mensen (of overheden) opgericht en geven werkgelegenheid voor iedereen; zowel aan de directie als aan de arbeiders, incl. het witteboordenpersoneel [7].

En nu komt het: in een kapitalistische maatschappij liggen de salarissen in principe vast. Dat noemen ze vaste kosten. Het bedrijf, het productiemiddel, de arbeid, maar de winst komt uit de meerwaarde. En de winst c.q. de meerwaarde gaat bijna volledig (na aftrek van minimale belasting) naar de geldschieters, de bezittende klasse, die stinkend rijk worden volgens de accumulatiewet van Marx van de arbeid van anderen.

In het kapitalistische systeem zijn de salarissen vastgepind en kan er door individuen ongebreidelde winst worden gemaakt. In een socialistische maatschappij ligt de 'rente' op geld (op spaargeld) en het kapitaal vast. Productiemiddelen, bedrijven en ondernemingen worden in een socialistische maatschappij opgezet door het lenen van geld uit de algemene middelen en dienen daarvoor een vast bedrag of nader te bepalen, wettig overeengekomen vaste vergoeding c.q. rente te betalen. Het personeel, incl. de directie, incl. de overheid, krijgt via een verdeelsleutel de opbrengst, d.w.z. de winst, de meerwaarde van de arbeid [6] [7] [8].

Niemand is dan meer armlastig, iedereen werkt (geen werkloosheid) en niemand is arm (geen armoede). De opbrengst van het productiemiddel wordt teruggeploegd in de maatschappij en wordt uitgegeven aan zorg, onderwijs, vervoer, politie, en defensie om de maatschappij te verdedigen tegen het imperialisme, het kapitalisme. Het socialisme leert van vroegere ervaringen [9]. De belangen van de factor arbeid gaat ten alle tijden boven de belangen van de factor kapitaal.

De communisten, verenigd in de communistische partij, zorgen er tevens voor dat het kapitalisme - het imperialisme en het fascisme - nooit meer terug kan komen.

Het onderwijs en de media hebben een belangrijke taak om buitenlandse beïnvloeding en inmenging ‘in andermans aangelegenheden’ – zoals dat heet - te weerspreken.

Omdat socialisme evolueert en een wetenschap is, kunnen er in de loop der jaren ook nieuwe inzichten ontstaan. Twee voorbeelden: ten eerste werden er in socialistische landen vaak industriële zones ingevoerd waar multinationals uit kapitalistisch landen joint ventures mochten aangaan (‘socialisme1.0’). Door die winsten kon (kan) een socialistische samenleving in de begin-fase van zijn ontstaan een goed begin-kapitaal opbouwen. Ten tweede kan in een modern socialistisch land ('socialisme2.0'?) de werkende bevolking veel bereiken als men maar goed omgaat met zijn kapitaal (ook het menselijke kapitaal) en strikt onder leiding staat van een goede en sterke communistische partij.

De bezittende klasse, de kapitalistenklasse, is in een socialistische maatschappij als klasse geëlimineerd. Mensen met geld zijn niet meer de baas. De werkende klasse is de baas [10]. (Met zijn arbeid, met zijn rechten en met zijn spaargeld.) De dictatuur van het kapitaal is dan gebroken. In een socialistische maatschappij is het nu tijd voor ‘de dictatuur van het proletariaat’.

Rik Min, Enschede/Twente/Overijssel

VOETNOTEN:
[8] In een socialistische maatschappij is er 'centraal' kapitaal. Voor de planning en de vooruitgang in een socialistische maatschappij zijn er daarnaast ook nog de spaargelden van de bevolking (de werkende klasse). Dat kan een enorm bedrag zijn. Dat kapitaal wordt beheerd wordt door de staat. Die bepaalt waar investeringen worden gedaan. Deze twee soorten kapitaal worden door de staat, door het volkscongres, en de communistische partij, aangewend (en beheerd) om investeringen te doen. Ondernemingen kunnen geld lenen van de centrale bank, het centrale kapitaal, plus het spaargeld van de bevolking. En dat is in een socialistische maatschappij het nationale financieringskapitaal. Dat kapitaal fungeert tegelijkertijd ook als handels- en industriekapitaal.

[10] De bevolking is in een socialistische maatschappij, naast een werkende, naast arbeider, naast consument, dus ook (mede-) aandeelhouder van iets waar zijn spaargeld voor is gebruikt.